Handgift
Startende ondernemingen ontbreekt het meestal niet aan de wil om te ondernemen doch vaak wel aan middelen om hun dromen te realiseren. Soms zijn er wel ouders of andere familieleden die bereid zijn om via een schenking van geld de starter op weg te helpen. Maar dan is het belangrijk om effectief te kunnen bewijzen wat de bron van deze gelden is, zoniet zal de fiscus bijkomende vragen stellen.
De handgift is een schenking die tot stand komt door de gewone overhandiging van het te schenken goed aan de begiftigde. Alleen wat je fysiek kan overhandigen kan het voorwerp zijn van een handgift, zoals juwelen en geld. Onroerende goederen kunnen niet bij handgift worden geschonken.
Een notariële akte is niet vereist en vooral: er zijn geen schenkingsrechten .
Op de handgift zijn ook geen successierechten verschuldigd, voor zover de schenker meer dan 3 jaar na deze schenking komt te overlijden. Indien de schenker binnen de 3 jaar na de schenking overlijdt zullen er alsnog schenkingsrechten dienen betaald.
De "handgift" kan ook per overschrijving van de rekening van de schenker naar de rekening van de begiftigde. Op de mededeling mag dan evenwel niet vermeld staan dat het een schenking betreft. Eigenlijk mag de schenker op de overschrijving zelf niets invullen in het vakje mededeling omdat de verhandeling volstrekt neutraal moet verlopen.
De schenking dient schriftelijk te worden bewezen in al haar elementen, zoals het bedrag, datum (van belang voor de 3-jarige termijn), identiteiten en het onmiddellijk en onherroepbaar karakter.
Dit bewijs wordt geleverd door twee aangetekende brieven:
- een aangetekende brief van de schenker aan de begiftigde waarin het voornemen tot schenking wordt kenbaar gemaakt, of waarin de reeds uitgevoerde schenking wordt bevestigd.
- een aangetekend antwoord van de begiftigde waarin de schenker wordt bedankt.
In de aangetekende brief van de schenker kunnen voorwaarden worden bepaald , zoals een bepaalde vorm van beperkte controle of de terugkeer. Dit beding behelst dat het geschonkene terugkeert naar de schenker, bij vooroverlijden van de begiftigde, dus voorzover de begiftigde de schenker zou overleven.
Bij de schenking aan een echtpaar verdient het aanbeveling in de aangetekende brief duidelijk te vermelden of de goederen aan de gemeenschap der echtgenoten, dan wel aan het eigen vermogen van de begiftigde wordt geschonken, eventueel met toevoeging dat de gift het eigen karakter dient te behouden en niet mag ingebracht worden in de gemeenschap.
Door advocate Cathy De Waele
